Jaarclub Consiglio uit Utrecht – Midden-Amerika – 2008

jaarclub-utrecht

20 februari 2008 was het dan eindelijk zover. Na 6 jaar zonder spaarplan, veel gezeik over de bestemming en budget en het verlies van HP stonden de jongens van Consiglio (C.S.V. 2002) toch op Utrecht Centraal, klaar voor hun, door Club Travel georganiseerde, reis naar Honduras. Hoewel iedereen zijn eega had afgewimpeld met ‘je hoeft me niet uit te zwaaien, want dat doet geen enkele vriendin’, stond W toch uitgebreid afscheid te nemen van zijn eerste en grote liefde. Toen ook dit afgehandeld was, werd koers gezet richting Schiphol.

Onder het kopje ‘zoveel mogelijk landen afvinken’ hebben we op de heenreis 3 vluchten mogen meepakken. Tijdens de eerste 9 uur met de witte zwaan, met op leeftijd zijnde stewardessen, was de sfeer uiteraard nog uitgelaten. Dat veranderde echter in rap tempo toen we in New York een warm welkom kregen van de mannen met snor en pistool van Homeland Securities. Joshua had wat moeite met invullen van z’n papiertje, wat hem een welgemeend “Fill it in correctly or we’ll sent you back” opleverde. Toen hij na enkele pogingen toch z’n naam goed kon spellen, konden we ons opmaken voor 7,5 uur slaap op het beton van JFK Airport. Met een onderkoelde en hardgeworden reet zijn we verder gevlogen naar El Salvador om na een korte tussenstop te landen in Honduras.

De 26 uren vliegen waren op slag vergeten na aankomst in het zonnige Honduras. Spijkerbroeken (en zelfs een verdwaalde Dockers van Niels) werden verruild voor zwembroeken en slippertjes. Op het vliegveld werden we ietwat lauw onthaald door onze gids Mike, die van Clubtravel door had gekregen dat hij gedurende 2 weken 12 hitsige vrouwen mocht begeleiden. De aanblik van 10 houterige en bleke jongens viel hem wat tegen! Gelukkig had hij ook zijn nichtje bij zich die het allemaal wat meer wist te waarderen. Mike’s minivan was niet echt berekend op jongens van 2 meter +, maar dat mocht de pret niet drukken. De tocht naar ons eerste hotel bood een mooi uitzicht op de binnenlanden van Honduras. De aanblik van Hondurezen die de hele dag zitten te chillen op een bankje en zich vooral nergens druk om maken, kwam het lustrumreisgevoel aardig ten goede.

Na 30 uur bereikten we dan eindelijk ons eerste hotel. De shirtjes konden uit, zodat de zonnestralen hun werk konden doen op de door 6 jaar studententijd gevormde buiken. De rest van de dag ons aangepast aan het lokale ritme en, afgezien van een enkel bommetje in de pool, geen stap meer gezet. Met grootse plannen zijn we die avond nog het stadje ingegaan, maar na een biefstuk en een biertje zakte de stemming naar het vriespunt en zijn we onder de noemer “beter nu gaan slapen, want dan kunnen we morgen echt gaan knallen” richting hotel gekeerd.

Omdat studenten het neusje van de intellectuele zalm schijnen te zijn, had Clubtravel een cultureel programma voor ons samengesteld. De eerste dag stond een bezoekje aan het grootste Maya-complex van de regio gepland. Wegens jetlag was het geen enkel probleem dat Mike om 7.30 op de stoep stond met z’n bus. Het Maya-complex was zeer imposant, met uiteraard veel gestapelde stenen en met een grasmat waar het meest prominente lid onder de Maya’s werd geofferd aan een van de goden. De aldaar wonende Maya’s zijn uiteindelijk ten onder gegaan aan een overvloed aan potentieverhogende paddenstoelen, polygamie en oorlog. Naast deze historische kennis had gids Fredy ook het wereldrecord monotoon praten op zijn naam staan, waarvoor hulde! Na het bezoek aan het prachtige complex was het nog even tijd voor birdwatching. Een zeer enthousiast Hondurees meisje leidde ons rond langs papegaaien, papegaaien en papegaaien. Professioneel als ze was deerden de ranzige grappen en Hollandse luchten haar niet. Op de terugweg de Tuk Tuk gepakt die proefondervindelijk 300 kilo + chauffeur downhill aan kon.

Omdat tranquilo het toverwoord is in dit land hebben we niet veel meer gedaan dan een beetje chillen aan het zwembad, terwijl een ober op zeer regelmatige basis langskwam met de Salva Vida’s. Vanuit Copan bracht Mike ons, met de nog steeds te kleine minivan, naar Tela, een stadje aan de Caribische zee. Onderweg nog even bij het meest verlaten restaurant van Midden-amerika geluncht. Capaciteit: 500 man. Aanwezig: 10 man + Mike.

In Tela hadden we een prima hotel met fantastische uitzicht over de stad en de Caribische zee. Mike had ons verteld dat hij de week daarvoor 12 mooie “Danish girls” naar deze stad had gebracht, dus de jongens waren vol enthousiasme. Dit enthousiasme werd de eerste avond echter niet beloond, want de dames gaven nog even niet thuis!!

De volgende ochtend vanuit Tela met een motorboot naar een schiereiland gegaan. Michael Reiziger bleek emplooi gevonden te hebben als kapitein van deze boot, maar dat terzijde. De paniek sloeg toe toen een golf water over de boeg sloeg en het boek van Wietse toch niet bestand bleek te zijn tegen het zoute water. Het schiereiland was een waar paradijs. Bij aankomst maakten we onder bezielende leiding van Mike een tochtje door de jungle, waarbij sommigen het beter vonden om dit te doen met blote bast en op slippers! De tocht was zeker de moeite waard wegens het zien van brulapen, grote spinnen en de sporen van een jaguar. De basis survivalskills werden bijgebracht door Mike, die ons levende termieten liet eten. Na dagen van gebakken bananen was dit een welkome afwisseling. Na de jungletocht stond de lunch gereed bij een van de twee families die op het schiereiland wonen. Er zijn slechtere dingen in het leven dan een visje eten in een hutje op een bountystrand, een beetje overgooien met kokosnoten en het werken aan onze teint. Michael Reiziger bracht ons uiteindelijk weer terug naar Tela, waar Dries, André en Marianne een verlaten Caribisch barretje tot leven probeerden te wekken. Afgezien van 10 domme Hollanders was er geen Hondurees die het de moeite waard vond om ook maar een seconde uit z’n luie stoel te komen. Gezellig was het wel!

De ochtend na deze Hollandsche avond was het tijd voor een nummertje kajakken onder aanvoering van alleskunner Mike. Omdat niet iedereen in de natuur z’n (Hilversumse) bek weet te houden, viel het aanbod exotische dieren wat tegen, maar de schoonheid van de mangroven maakte dit zeker goed.

Omdat de Deense dames die avond nog steeds niet thuis gaven, zijn we op goed geluk een obscure tent binnengegaan, en met succes! Binnengekomen bleken we beland te zijn in een typisch Hondurese stripclub, waar te dikke Hondurese mannen zich, onderuit gezakt in een stoel, tegoed deden aan al het moois dat langskwam. Na een pilsje of wat was de schroom bij de jongens overwonnen en bleken onze dollars goud waard. Op hitjes van Celine Dion en Bon Jovi gingen de vrouwen tot het uiterste en voelde Wietse de dollars in zijn zak branden….

Bij het ontbijt bleken toch weer 10 jongens aanwezig te zijn en zijn we, enigszins gedesillusioneerd omdat de Danish girls ons blijkbaar toch niet erg interessant vonden, afgereisd naar La Ceiba. Naar verluid wordt door locals gesproken over de legende van de Deense vrouwen… Dirk heeft in ieder geval alles gegeven om aan te tonen dat ze echt bestaan.

Op naar La Ceiba. Onderweg nog even gestopt voor een trekking in een nationaal park. De jongens konden eindelijk hun bergstappers uit de tas pakken, hoewel Mike op slippertjes bleef lopen.
Zijn enorme kennis van de lokale flora en fauna kwam tot uitdrukking toen hij als een klein meisje begon te krijsen en te springen alsof hij onder 220 volt was gezet. Wat bleek: een slang(etje) op ons pad. Halverwege de trekking stond een pauze gepland bij een waterval. Hier kwam uiteraard de mannelijke geldingsdrang naar boven en moest er zo stoer mogelijk van rotsen worden gedoken.

Ook in La Ceiba bleek tranquilo de sleutel tot het succes van de Hondurese economie te zijn, want werkelijk niemand zette een stap te veel. Dus ook wij zijn niet veel verder gekomen dan onze swimmingpool en het geven van, steeds dezelfde, opdracht aan de barman. ‘s Avonds weer de haartjes in de wax en de natte shirtjes aan. De Loneley Planet leidde ons naar café Amsterdam, waar we een echte Nederlandse zeebonk van 80 troffen. Het Hollandse pessimisme had hij niet verleerd, zodat we na één pilsje vertrokken naar een locale discoteca. Zoals alles in dit land kwam ook de discoteca pas laat op gang. Dit lange wachten wierp echter wel zijn vruchten af, want op een gegeven moment werden de mooiste chica’s bij bosjes aangevoerd door locals met pick-ups. De geringe lengte van de plaatselijke boys en onze dollars plaatsten ons in een oneerlijke competitie met als gevolg een gezellige avond met de dames.
De normen en waarden bleken echter ietwat anders te liggen dan in ‘t Stichtse, want het was slechts toegestaan om met een (Hondurees) stelletje de dansvloer te betreden. Daarbij vielen wij met onze Noord-Europese heupen in het niet bij de latinobillen die tekeer gingen op de bubbling-beats. Om ons toch enigszins te vermaken de bar maar leeg gekocht. Dit bleek wel effect te hebben, want tegen het ochtendgloren werden de stijve Consiglianen ingewijd in de wereld van het schaven en schuren. Niet voor niets noemen ze het dansen in Midden-Amerika wel de verticale impressie van een horizontaal verlangen!!

De volgende morgen: lees 3 uur later, stond Mike alweer klaar met z’n minivan voor een onvergetelijke dag raften, rotsklimmen, clifjumping, canopytouring en wat niet al. Nadat de initiële brakheid was overwonnen, hebben we een onvergetelijke, avontuurlijke dag gehad. De gidsen lieten ons na een hand-in-hand groepsgebed springen van 10 meter hoge rotsen, plaatsten een 100 kilo wegende Canadese vrouw in je raft en lieten ons aan kabels langs de boomtoppen sjezen. Bob had tijdens de instructie even niet opgelet bij het kopje “remmen” en maakte na een aanloop van 50 km p/h kennis met tropisch hardhout!! Teruggekomen in de stad vroeg onder de wol om de volgende dag de boot te pakken naar het tropische eiland Roatan. Op het vasteland lieten we Mike achter die ongetwijfeld blij was dat hij van die jongens verlost was en op zoek kon gaan naar de Danish girls.

Na een volle week van cultuur en avontuur bood Roatan ons zon, zee en strand. Enkele jongens vonden het nodig om drie dagen te besteden aan het volgen van een duikcursus. De overigen hielden het bij uitslapen, snorkelen en op en neer lopen naar een Caribisch barretje. De Amerikanen hadden dit eiland ook ontdekt en werden per cruiseschip aangevoerd. Na twee dagen raak je min of meer gewend aan de witte sokken, hardloopschoenen, dikke penzen, het hersenloze geleuter en platte accent. ’s Avonds lagen deze consumeermachines meestal op bed wat ons de kans bood de lokale horeca te verkennen. Elke avond was er live muziek en gezelligheid tot een uur of 00:00. Ondanks deze kinderbedtijden hebben we ons prima kunnen vermaken. De laatste avond bleven de verschillende strandtentjes open tot 02:00 dus konden de voetjes van de vloer. Na een pils of 10 en meerdere Nitroballonnen heeft Maurice zelfs de gitaar ter hand genomen en een minioptreden verzorgd op het podium in de Fubar waar Open Mic Night werd gevierd.

De volgende morgen was het even zwaar afscheid nemen van het fantastische land de rust, pret en het vertier en spoedden wij ons naar het vliegveld. Drie vluchten en 24 uur verder stonden we weer op Schiphol en eindigde het eigenlijk net zoals het begon; met de vriendin van W….

Clubtravel bedankt voor deze fantastische reis!!